Eerste en laatste reisbrief uit Los Angeles

Halleluja, amen! Dat schrijven we niet omdat het einde van ons rondreizen in zicht komt, maar vanwege de naklanken van de kerkdienst, die we afgelopen zondagmorgen meemaakten. De dienst duurde 2 1/2 uur, maar was niet alleen daarom een bijzondere belevenis. Het speelde zich allemaal af in de zwarte baptisten " Cavalry" church, vlak bij ons hotel in Los Angeles.
We werden hartelijk begroet door een handjevol kerkgangers die rond- en binnenliepen. Op hun paasbest gekleed. Met name de vrouwen met mooie hoeden op en veel geglinster in oren en aan polsen. De mannen meestal in een stemmig kostuum. Er was aangekondigd dat onze dienst om 10.45 uur zou beginnen. En dat klopte boven verwachting. Een viertal mannen, ouderlingen(?), hieven afwisselend een lied aan en nodigden enthousiast de geleidelijk binnenstromende gemeente uit om mee te doen.
De koorbanken vulden zich ook geleidelijk en twee pianisten lieten zich horen.
Onder deze pianoklanken schreed een fors gebouwde voorganger binnen. Vrolijk lachend naar de mensen. Halleluja!
Een hartelijk welkom riep hij iedereen toe maar met name de gasten die ook iets van zichzelf moesten vertellen. Applaus. We are chuch from all nations? Even Holland. Halleluja.
We moesten weer zingen. Uit een dik liedboek met ruim 500 hymnen. En we lazen uit hetzelfde boek citaten uit de bijbel: de voorganger las en de gemeente antwoordde. Amen.
Weer zingen. Maar toen liet ook het koor zich horen met " Cavalry voices" en een solozanger. Allses met veel beweeg en handgeklap vanuit de gemeente. Emotioneel en vrolijk.
Na de collecte waarbij iedereen naar voren kwam om iets in een grote mand te deponeren, kwam de preek. Over vergeven " the gift of forgiveness" veel- veelvoudig herhaald (Matth. 21) Het stemgeluid van de prediker daverde soms door ten slotte redelijk gevulde ruimte en daalde vervolgens tot een bijna gefluister. Hij was zo betrokken dat een witte zakdoek van servet formaat nodig was om al het zweet weg te werken. Regelmatig klonk instemming vanuit de gemeente als de voorganger weer eens een hoogtepunt had beklommen.
De preek ging op een onduidelijke manier over in een solozang van de voorganger die daarvoor de kansel verliet en voor de gemeente heen en weer lopend met een inderdaad imposant stemgeluid God lof zong.
Het was al met al een indrukwekkende entertainment.
Van de gebeden kunnen we nog twee dingen zeggen behalve dat hier de preekstijl zich voortzette:
* de voorganger riep God niet aan, maar hij schreeuwde soms tot Hem: " Be merciful. Right now!" Geen poespas dus.
* en wat we al eens eerder hadden meegemaakt bij de voorbede voor iemand: deze kwam in een kring te staan van meestal een grote groep gemeenteleden die hand in hand met de voorbidder meebaden.
Tijdens de dienst en bij vertrek werden veel handen geschud en werd omhelsd. Zo deelde Jo tenslotte nog in de zweetdruppels van de voorganger.

Uit dit verhaal kan ook worden begrepen dat we weer een oceaan zijn overgestoken. Maar dat binnenkomen in Amerika is niet meer zo simpel. Afgezien van inchecken, formulieren invullen , luchthavenbelasting betalen, paspoortcontrole, tenslotte tweemaal controle van handbagage en lijfelijk onderzoek. Helaas waren we zorgeloos geworden tijdens ons rondreizen in Nieuw-Zeeland. Eeen beetje wereldvreemd zullen we maar zeggen. Want ziedaar: een zakmes, twwe nagelschaartjes en een nagelvijl raakten we bij de controles kwijt. De zitstok van Jo werd elke keer wantrouwig bekeken, zeker nadat de puntbeschermer was verloren geraakt, maar we hebben hem nog steeds.

Hier in Los Angeles hebben we inmiddels al weer het een en ander bekeken. zo zijn we de beach en de pier van Sant Monica op geweest, zijn we door de promenade gewandeld, downtown Los Angeles geweest en hebben we het zeer indrukwekkende Paul Getty centre bezocht. Dat doen we misschien nog een keer. Het ligt op een heuvel met prachtige vergezichten en is gebouwd in een modern-klassieke stijl. Er is 13 jaar over gedaan en heeft 1.2 miljard dollar gekost. Het huisvest tentoostellingen en onderzoek op het gebied van kunst en cultuurwetenschappen. lAls jullie er meer van willen weten: vraag het de voorzitter, Henk Bontius!

Maar wat misschien toch nog weer boeiender was, betreft een ontmoeting. Het ging als volgt.
We waren op een nogal ingewikkelde en langdurige manier met de stadsbus op een plek gekomen van waaruit het een " short walk" zou zijn naar het Getty centre. Het werd ons echter te veel. We gingen daaron een pompstation binnen om een taxi te bellen. Dat bleek niet nodig .Iemand van het personeel, een technician, bracht ons wel even met zijn auto. Hij gaf ons zijn telefoonnummer voor de terugtocht. Afrekenen kwam dan wel.
We belden hem inderdaad later en hij kwam prompt want het sloot aan op zijn werkeinde. Karel informeerde of hij bereid was om ons voor 25 dollar helemaal naar ons hotel te brengen. O, ja hoor. Hij deed het wel voor 20 dollar. Tijdens de rit ontspon zich een gezellige babbel. Hij bleek 20 jaar geleden vanuit San Salvador binnen gekomen te zijn. Hij voelde zich van harte en op en top een Amerikaan. Meer dan menig andere Amerikaan zo voegde hij er aan toe en hij klaagde over landgenoten, die al geruime tijd in de States woonden en nog geen fatsoenlijk Amerikaans spraken. (Overigens Los Angeles in zo'n beetje tweetalig). Hij woonde met zijn tweede vrouw op 69 mile afstand met een heleboel auto's en vier vierwielige motorfietsen waarmee hij geweldig in de woestijn kon hardrijden. Bij aankomst bij ons hotel weigerde hij betaling.

Tenslotte: in Nederland lezen we bij voorkeur niet de Telegraaf. Maar hier in Sante Monica kunnen we bij een kiosk elke morgen die krant van diezelfde morgen kopen. Met behulp daarvan bereiden we ons mentaal voor op de winter in Nederland, de terugkeer van Ayaan Hirsi Ali en haar initiatief om de vier bedreigden te laten samenwerken. Maar we vermoeden dat Wilders wel heel wat conservatieve haren moet kwijtraken om een beetje bij Cohen in de buurt te kunnen komen.

En zo zijn we dan nu gekomen aan het eind van onze laatste reisbrief. Halleluja, amen!

Jo en Karel Krolis