Schrijnende gevallen

Een paar dagen geleden ontdekte ik ze. Dat valt nog niet mee want ze komen niet graag in de publiciteit. Daarvoor zijn ze te bescheiden. Maar toch las ik over ze in de krant. Een slimme journalist zal ze wel bij toeval gesnapt hebben.
Het is ook goed te begrijpen, dat ze meestal aan de aandacht ontsnappen, want ze timmeren niet aan de weg. Het zijn hard ploeterende, zich voor vrouw en kind opofferende doorgaans blanke jongens. Dat typeert ze. Ze ontberen door hun gesappel van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat een normaal gelukkig gezinsleven om van een verder sociaal leven maar niet te spreken. Maar ze houden dat allemaal toch liever wat verborgen.
Het enige waarop ze zijn gericht is: overleven. Leven willen ze. Wie gunt het hen niet?
En hun gezinsleden? Die zie je ook niet. Ze zullen er wel zijn, maar ik denk dat de beelden voor zelfs onze reality TV nog te emotioneel zouden worden. Niet alleen maar van die grote donker glanzende ogen in magere gezichtjes of van die opgezwollen buiken. O, neen, maar wij kijkers kunnen niet alles verdragen.

Misschien bent u door het voorgaande ze op het spoor gekomen of hebt u ook over ze gelezen.
Het is inderdaad de “Top van Philips”. Eindelijk wordt hen een beetje recht gedaan. En hun gezinnen, natuurlijk. Want pa moet toch een flink bestanddeel bijdragen in de kosten van levensonderhoud. Hun loon is eindelijk opgetrokken. Ja, echt. Het moest er een keer van komen. Ruim 18%. Voor de opperbaas en 17% voor een lotgenoot. Om te beginnen. Het zal geleidelijk verder worden “opgeschroefd”.
Een mooi woord is dat eigenlijk. Er zit iets gewelddadigs in. En dat klopt ook wel, want er moet veel druk worden overwonnen. Die druk of tegendruk was er ook onmiddellijk. Dat stond de volgende dag al in de krant. “Vertrouwen weg in de top van Philips”, zo luidde de kop. De vakbonden deden geschokt. Misschien ook omdat, afgezien van die kleine tegemoetkoming in hun loon, er ook sprake was van “een omhoogschieten van de bonussen voor het bestuur in het afgelopen jaar”. Dat noemen ze nou suggestief taalgebruik. Omhoogschieten!
Met de taal is overigens meer aan de hand. “Omhoog nivelleren” kwam ik als uitdrukking tegen. Ik begreep dat het sloeg op een soort inhaalrace die niet alleen de achtergebleven top van Philips nu meemaakt, maar in het “grote bedrijfsleven” allerwege is ingezet. Dat zou blijken uit de gepubliceerde jaarverslagen.
De reacties van de vakbonden bij Philips vielen al tegen, maar over het algemeen is het enthousiasme erg gering te noemen.
Dat is het vervelende van deze tijd. Mensen begrijpen het gewoon niet. Ondanks de toegenomen scholing. Mevr. Verdonk probeert er ook achter te komen op haar manier. Maar volgens velen is ze daar nog helemaal niet in geslaagd.
Maar hier hebben we ook met typisch “schrijnende gevallen” te maken, neem dat maar van mij aan. Ze zijn extra schrijnend, omdat ze onbegrepen zijn. De zaligsprekingen bieden hen ook niet voldoende troost, vermoed ik.
Maar geleidelijk aan worden ze naar, ja over de rand van onze Nederlandse samenleving geduwd. Echt gemarginaliseerd worden ze. Ze leven inmiddels al op “internationaal niveau”, deze mensen. En dat heeft consequenties zoals ze niet nalaten op te merken.
Ik weet niet of dat hoog of laag is, maar het is duidelijk niet Nederlands meer. Ze zijn vreemdelingen geworden. Ze komen ook niet in aanmerking voor (her) inburgeringscursusssen. Dat haalt waarschijnlijk ook niets uit.
Een forsere aanpak lijkt nodig. Iets in de trant van integratietherapieën in TBS-klinieken. (T)egen (B)ijzonder (S)chrijnende gevallen. In plaats van omhoog te nivelleren moeten ze daar leren “omlaag te integreren”. Te leren leven volgens onze waarden en normen.
Maar ja, ze vissen ook hier misschien weer achter het net. Voor hen zijn er zelfs geen loketten.

Karel Krolis